Recreatieschap Twiske-Waterland – beheerder van het Twiske – sloot 2024 af met een positief resultaat, maar de zorgen stapelen zich op. Voor 2025 en 2026 rekent het recreatieschap op flinke tekorten. Ondertussen neemt de druk op natuur, onderhoud en financiën toe.

Zaanstad, Oostzaan en Wormerland gaan hun bijdrage verlagen – net als alle andere gemeenten in Zaanstreek-Waterland – vanwege het dreigende ravijnjaar. De Provincie Noord-Holland financiert overigens meer dan de helft van het recreatieschap.

De term ‘recreatieparadox’ die het recreatieschap zelf hanteert, vat het probleem treffend samen: terwijl het aantal bezoekers stijgt en de recreatiedruk toeneemt, staan de financiële middelen onder druk.

Begrotingen

Het jaar 2024 werd financieel afgesloten met een positief resultaat van € 213.370, terwijl vooraf een tekort van ruim twee ton werd begroot. Het verschil is vooral toe te schrijven aan hogere opbrengsten uit rente, parkeren en evenementen, in combinatie met lagere kosten doordat enkele projecten in het natuurgebied zijn doorgeschoven naar 2025.

Maar voor 2025 wordt het financieel wat lastiger. Het negatieve saldo komt uit op € 181.793. Dit komt vooral door een paar onverwachte kostenstijgingen en vertragingen in projecten. Het project ‘Landvasten Laag-Holland’ loopt vertraging op, waardoor de inkomsten uit dit project pas in 2026 binnenkomen. Ook zijn er extra kosten voor de Markermeerdijken en andere projecten die doorlopen.

Wat de situatie extra lastig maakt, zijn de lagere bijdragen van de gemeentes. Dit jaar verlagen ze hun bijdrage met € 73.000, vanwege het ravijnjaar. Voor 2025 dragen ze dit bij:

  • Provincie Noord-Holland: € 1.696.123 (56,04 procent)
  • Gemeente Amsterdam: € 713.084 (23,56 procent)
  • Gemeente Zaanstad: € 259.299 (8,57 procent)
  • Gemeente Purmerend: € 210.670 (6,96 procent)
  • Gemeente Landsmeer: € 49.123 (1,62 procent)
  • Gemeente Edam-Volendam: € 40.255 (1,33 procent)
  • Gemeente Oostzaan: € 20.056 (0,66 procent)
  • Gemeente Waterland: € 19.629 (0,65 procent)
  • Gemeente Wormerland: € 18.382 (0,61 procent)

De totale bijdrage voor 2025 komt uit op € 3.026.622. Er moet in 2025 meer uitgegeven worden dan oorspronkelijk begroot, en daardoor moet Twiske-Waterland meer uit de reserves putten.

In 2026 wordt de financiële situatie niet veel beter. Er wordt een negatief saldo van € 117.249 verwacht. Ook al zullen de bijdragen van de gemeentes iets hoger zijn, die verhogingen kunnen de extra kosten die het recreatieschap moet maken niet dekken. Daarom zal Twiske-Waterland weer een beroep moeten doen op de reserves om de geplande projecten en onderhoudswerkzaamheden door te laten gaan.

Projecten

Er lopen verschillende projecten om het gebied aantrekkelijker te maken. Zo krijgt de Twiske Poort, de hoofdentree van het gebied, een flinke make-over. Denk aan betere paden. De uitvoering start in 2025 en gebeurt gefaseerd.

Ook wordt gewerkt aan ‘Landvasten Laag-Holland’ om aanlegplekken voor sloepen en kano’s te verbeteren. Dat project liep wat vertraging op door vergunningen en bezwaren, maar in de loop van dit jaar worden als het goed is eerste nieuwe aanlegplaatsen aangelegd. Langs de Markermeerdijken zijn al nieuwe wandel- en fietspaden aangelegd die nu onder het beheer van het recreatieschap vallen.

Verder krijgt zorgboerderij De Marsen een nieuwe maatschappelijke en recreatieve invulling, en is er aandacht voor biodiversiteit via bijvoorbeeld aangepast maaibeleid en het verwijderen van exoten. In 2025 starten ze met een zogeheten ‘nectarindex’ om te meten hoe bloemrijk de bermen zijn.

Daarnaast zijn bestaande paden, bruggen en vlonders opgeknapt, kwamen er nieuwe wandelroutes bij en zijn de sportvoorzieningen vernieuwd. Zo werd de brug op de Pikpotweg compleet vervangen en ging het Schanszichtpad weer open voor publiek. En niet te vergeten: het 40-jarig jubileum van Het Twiske werd gevierd.

Druk

Het wordt bovendien steeds drukker in Het Twiske, zo constateert het recreatieschap: ‘De aanwas van het aantal bezoeken zal stijgen, doordat het aantal inwoners in de omgeving toeneemt en de komende jaren ook blijft stijgen.’ Dit zorgt voor een toenemende druk op het gebied. Het recreatieschap probeert die druk te spreiden met bijvoorbeeld een zoneringsplan en werkt aan een breder recreatieaanbod. Maar er is een duidelijke grens aan wat er kan.

En dan is er nog het klimaat. De zomers worden warmer en extremer – en dat zie je terug in het gebied. Blauwalgen op de stranden, overstroomde paden na een hoosbui, uitgedroogde oevers bij lange droogte.

‘Toename van de Blauwalg is inherent aan klimaatveranderingen; warmer weer zorgt voor meer en versnelde groei van algen in het zwemwater.’

Het recreatieschap wil zich beter voorbereiden op dat extremere weer. Dat betekent onder andere: rondpompen van water, klimaatbestendige beplanting en onderhoud. Maar ja, dat kost geld. En dat is er niet in overvloed. Tel dat allemaal bij elkaar op – groeiende bezoekersaantallen, druk op de natuur, lopende projecten, extra onderhoud en een krap budget – en je zit met een flinke puzzel. Of, zoals het ook wel genoemd wordt: de recreatieparadox.

Door Nick Boeske. Info: Raadsinformatiesysteem Oostzaan en eerder geschreven artikel. Foto’s: Recreatieschap Twiske-Waterland en De Orkaan.